Niemandsland


TEKST VAN DE WEEK


Groene groei? Eeuwenlang was het een vanzelfsprekendheid

Peter Henk Steenhuis

07-12-2018

BUBBELONIË We trekken ons terug in onze veilige bubbel. Verliezen we zo het vermogen elkaar te begrijpen en te bereiken? In een serie columns trekt Peter Henk Steenhuis langs de grenzen van onze taal op zoek naar de grenzen van onze werelden. Vandaag: groen & groei.

Wie afgelopen dagen goed geluisterd heeft naar het debat over Schiphol, moet het zijn opgevallen dat er iets aan het veranderen is. De groei van de luchtvaart staat ter discussie. Nog niet echt, maar zelfs de grootste mobiliteitspartij van Nederland, de VVD, zegt nu dat ze niets meer moeten hebben van ongebreidelde groei. Kamerlid Remco Dijkstra wil ‘duurzame groei’. Schiphol moet de vluchten aan zich binden waar Nederland het meeste baat bij heeft. ‘Pretvluchten’, zoals een retourtje Barcelona voor een paar tientjes, kunnen volgens hem het best worden opgevangen door de trein.

Duurzame groei of groene groei, kan dat? Filosoof Roel Veraart (24) promoveert op deze vraag. Hij noemt duurzame groei een tegenstrijdigheid. Veraart kijkt in eerste instantie naar Europese beleidsstukken, die bolstaan van de tegenstrijdigheden. Een van de belangrijkste documenten heet ‘Sustainable Growth’. “Dat is een tegenspraak in zichzelf, want duurzaamheid is precies geen groei en groei is niet duurzaam”, zei hij in een interview met Trouw.

Tijd voor een beter Van Dale woordenboek

Josien Arts

30-11-2018


Beste redactie,

Bedankt voor jullie langverwachte antwoord op mijn brief. Redacteur Hans de Groot schrijft dat jullie “het als de taak van het woordenboek [zien] om het feitelijk taalgebruik te registreren.” Dat begrijp ik, maar de vraag is: wiens taalgebruik betreft dit? En, minstens even belangrijk, van wie niet? Ik heb bijvoorbeeld nog nooit gehoord van sommige woorden en zinnen die jullie als synoniem, hyponiem of voorbeeldzin weergeven.

De vrouw als gleufdier, de man als zaadschieter?

Lisa Smal

29-11-2018


Geachte baas,

Bedankt voor uw reactie. Ik begrijp dat het de taak van het woordenboek is om het gebruik van taal feitelijk te registreren. Daarom snap ik dat een veelgebruikt woord zoals “gleufdier” niet mag missen in de Van Dale.

Uw reactie zette mij aan het denken. Het is inderdaad belangrijk dat mensen alle woorden, die te pas en te onpas gebruikt worden, kunnen opzoeken in het woordenboek. Ook als deze stereotyperend zijn en/of een negatieve connotatie hebben. Uit het oogpunt van dit argument wil ik u er graag op wijzen dat er nog woorden missen in de omschrijvingen van ‘man’ en ‘vrouw’.

Taal als prisma om sociale kwesties te begrijpen

Francio Guadeloupe

28-11-2018


Als ik de respons van Hans de Groot, redacteur van Van Dale, op de brief van Josien Arts zou volgen, dan is het vanzelfsprekend dat je altijd met mannen begint in een gesprek of tekst over gender (in goed Nederlands zeggen we genus), want beginnen met mannen komt overeen met alledaags taalgebruik. Nederlands' meest bekende woordenboek geeft slechts de status quo weer. Het is een kwestie van feiten rapporteren. Het lijkt allemaal zo onschuldig.

Van Dale vergeet de huidige maatschappij te weerspiegelen

Koen Janssen

27-11-2018


WTF?! (Van Dale: afkorting van: what the fuck? (verbazing) krijg nou wat, (ergernis) in vredesnaam)

Met stijgende verbazing las ik het opmerkzame stuk van Josien Arts over de zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden die Van Dale gebruikt om ons even iets beter te laten begrijpen wat een vrouw ook alweer is. Niet alleen leert Van Dale ons dat vrouwen “moeder” zijn (oké, al kom ik "vader" bij 'man' niet tegen), maar ook dat ze van “lichte zeden” zijn en dat ze vooral van alles aangedaan (mag?) worden. Zo "randt" men een vrouw "aan" of, met evenveel beschikking, wordt een vrouw “genomen”. Verder helpt het ook niet dat in het rijtje synoniemen voor vrouw “Gleuf” en “Gleufwijf” respectievelijk positie drie en vier bezetten. Ter vergelijking, de synoniemen op dezelfde plaats bij het woord ‘man’ zijn: “Heer” en “Heerschap”.

Het woordenboek als samenleving

Fenneke Wekker

26-11-2018


De redacteur van de Dikke Van Dale geeft in zijn antwoord aan Josien Arts aan dat het woordenboek ‘slechts’ een weergave is van de taal die er in de samenleving wordt gebezigd. Het is neutraal. Een woordenboek vindt niets, wil niets, het is een universum op zichzelf waarin de woorden als sociale feiten aan de samenleving worden voorgeschoteld.

Brief van Woordenboek Van Dale

Redacteur Hans de Groot

01-11-2018


Geachte mevrouw Arts,

Allereerst excuses dat u enige tijd hebt moeten wachten op dit antwoord. Het was geschreven maar per ongeluk niet verstuurd.

Als je het zo op een rijtje zet, valt inderdaad wel op dat mannen en vrouwen nogal verschillend worden beschreven in woordenboeken. Ik begrijp dat u dat stoort. Toch is het niet te vermijden dat een woordenboek taal bevat die je in sommige gevallen stereotiep kunt noemen. Wij zien het als de taak van het woordenboek om het feitelijk taalgebruik te registreren. Woorden en uitdrukkingen die gedurende een bepaalde tijd in een bepaalde betekenis worden gebruikt, komen in het woordenboek terecht. Ze worden pas uit het woordenboek verwijderd als ze gedurende lange tijd in het geheel niet meer worden gebruikt.