China

04-05-2018

Lea Klarenbeek


Toen ik in 2010 voor het eerst in China was, werd ik overvallen door een enorme interesse in het land. Een land, dat relatief kort geleden zulke diepe ellende had gekend, dat economisch gezien ontzettend in de lift zat, waar de gebruiken van de bevolking zó anders waren dan ik gewend was, maar waar ik me tegelijkertijd best wel op mijn gemak voelde. Hier moest ik meer van weten.

China werd mijn favoriete reisbestemming en een hobby op zich. Ik begon te lezen over China, documentaires te kijken en ging nog twee keer terug voor langere tijd. Ik was dolenthousiast. Niet omdat het er zo paradijselijk en perfect was, maar zo ontzettend interessant. Omdat het land vooruitgang ademt, maar tegelijkertijd zo ongrijpbaar was. Omdat ik me elke dag meerdere keren afvroeg: hè, maar waarom...? En dan vervolgens weken bezig was een antwoord op die vraag te vinden, vaak zonder echt succes. China verveelde me nooit.

Tijdens mijn studie politicologie leerde ik theorieën over de samenhang tussen economische vooruitgang en democratisering. Het ontstaan van een gegoede middenklasse zou een voorwaarde, en misschien zelfs een voorspellende factor zijn voor de democratisering van een land.

China is op dit moment pijnlijk duidelijk aan het maken dat dergelijke theorieën niet zomaar opgaan. Met een combinatie van ouderwets aandoende propagandatechnieken (bijv. spandoeken met oproepen om ‘vijanden van de eenheid de verpletteren’), en tegelijkertijd technologisch zeer moderne vormen van (sociale) controle is de Chinese overheid bezig een totalitaire staat te bouwen die alle hoop op eventuele democratisering doet verdampen.

Afgelopen zomer was ik in de meest westelijke provincie van het land, Xinjiang, waar de Chinese staat in het kader van de nationale eenheid een politiestaat uit de grond aan het stampen is. Het doel is volledige onderdrukking van de lokale moslimbevolking. Bij het laatste Partijcongres heeft De Partij Xi Jingpings gedachtengoed laten opnemen als officiële staatsideologie, en sinds vorige maand kan hij onbeperkt aanblijven als president. Daarnaast is De Partij aan het experimenteren met een puntensysteem waarbij burgers punten kunnen verdienen voor goed gedrag en verliezen voor slecht gedrag. Er is nog niet besloten welke informatie bij de berekening zal worden meegenomen (gedacht wordt aan gedrag in het verkeer, surfgedrag, het doen van online aankopen, etc.), en welke gevolgen dit zal hebben voor burgers (bijvoorbeeld geen lening meer mogen afsluiten, geen gebruik meer kunnen mogen van vliegtuigen en treinen). Maar dat hiermee een volgende stap wordt gezet in het bouwen van een totalitaire staat die het gedrag van burgers tot diep in de huiselijke sfeer kan sturen, lijkt duidelijk. Een onvoorstelbaar aantal van 1,4 miljard mensen wordt door deze (en andere) maatregelen geraakt.

Van een land dat vooruitgang en optimisme ademde, is China aan het omslaan naar een dystopisch toekomstbeeld waar sociale controle en technologische vooruitgang elkaar almaar versterken. Het ontstaan van een middenklasse blijkt prima samen te kunnen gaan met precies het tegenovergestelde van democratisering. De vraag is nu hoe lang deze middenklasse het gaat pikken om zo gecontroleerd te worden, en of ze ooit bij machte gaat zijn om deze ontwikkelingen ongedaan te maken.