Ik wil stemmen

Minne in ’t Hout

12-03-2017

Ik ben 16 en ik heb toch wel het idee dat ik ook een mening mag hebben over wat er hier in dit land gebeurt.  Misschien ben ik officieel nog een kind, maar ik voel mij geen kind meer. Ik maak al mijn eigen beslissingen en waarom zou ik niet mee mogen beslissen over wat er in het land gebeurt waarin ik woon, over wat er om mij heen gebeurt?

Bijvoorbeeld over het topic van onderwijs, ik zit daar iedere dag in. Ik zie beter dan iemand van 40 die niets met onderwijs te maken heeft wat er veranderd moet worden en wat er veranderd kán worden. Ik zou bijvoorbeeld willen stemmen op een partij die voor kleinere klassen is, voor meer persoonlijke aandacht. Die klassen zijn nu veel te groot, 30 of meer leerlingen in een klein lokaal. Je kunt je nauwelijks concentreren. Dat hele leren kan volgens mij veel efficiënter als je kleinere klassen hebt. En we weten allemaal, met goed onderwijs kun je ook beter bijdragen aan de maatschappij en de economie. Dus dat is voor mij het allerbelangrijkste onderwerp.

Ik denk dat als jongeren zouden mogen stemmen, politici ook beter zouden nadenken over wat ze beloven. We zijn met veel. Ze kunnen dan niet zomaar iets zeggen over veranderingen in het onderwijs, want wij zullen ook echt merken of dat gebeurt of niet. En wij zullen die politici aan hun beloften houden. Nu komen ze er veel te makkelijk mee weg, omdat de meeste volwassenen toch niet in het onderwijsstelsel zitten en niet eens merken hoe de dingen in de praktijk uitpakken.

Ook denk ik dat jongeren veel zouden kunnen zeggen over het leven in de buurt, het belang van buurthuizen, van goede zorg voor ouderen in de buurt, over meer aandacht voor je directe leefomgeving. Wij zien wat hier op straat gebeurt, wat problemen zijn. Daar mogen politici best eens naar luisteren.

Je hoort wel eens dat mensen zeggen ‘jongeren moeten een stem krijgen, want zij zijn de toekomst’. Dat vind ik een raar argument, want was is de toekomst? Mijn ouders zijn er over een generatie ook nog, die hebben ook een toekomst. En er zullen altijd ouderen zijn, dus een 50+-partij moet er ook zijn. Het gaat me dus niet speciaal over dat jongeren het méér voor het zeggen zouden moeten hebben, maar óók. En het gaat me niet persé om mijn generatie nu, maar over de jeugd in het algemeen. Er zullen altijd jongeren zijn, die ook gerepresenteerd moeten worden. Wij zijn er, we  zullen er altijd zijn, we zitten in dat hele systeem. Laat ons dan ook mee beslissen.